Terug naar het overzicht

Van drie naar één: Utrechtse geboortezorg bundelt de krachten

Betrokken collega's

Geplaatst op

16 april 2026
Wat begint als een noodgedwongen samenwerking door capaciteitsproblemen, hoge werkdruk en een gevoel van concurrentie, is uitgegroeid tot tot iets veel krachtigers. In de regio Utrecht heeft dit geleid tot een bijzondere mijlpaal: het samengaan van de drie Utrechtse VSV’s tot één gezamenlijk Verloskundig Samenwerkingsverband. Op 13 april vierden de betrokken organisaties dit feestelijke moment.

Samenwerken vanuit een gedeelde ambitie

23 verloskundigenpraktijken, 15 kraamzorgorganisaties, drie ziekenhuizen en twee jeugdgezondheidsorganisaties – verspreid over een werkgebied van 15 gemeenten – brachten hun perspectieven, belangen en werkwijzen de afgelopen jaren bij elkaar. De samenwerking kreeg in de loop der tijd steeds meer vorm. Vanuit knelpunten in de dagelijkse zorgpraktijk ontstond ruimte om samen te werken aan een gezamenlijk toekomstbeeld voor de geboortezorg in de regio Utrecht. Raedelijn begeleidde dit proces en ondersteunde de Utrechtse VSV’s bij het versterken van de samenwerking en het ontwikkelen van een gedragen regiovisie.

De succesfactoren van deze samenwerking

Start bij wat je bindt: de inhoud

Bij het versterken van samenwerking ligt de focus vaak op structuur, besluitvorming en efficiëntie. Ook in Utrecht speelde dit een rol: de werkdruk was hoog en er was veel overleg. Juist daarom bleek het waardevol om eerst stil te staan bij de inhoud.

Door te beginnen bij de gezamenlijke opdracht – goede geboortezorg – ontstond ruimte voor een gedeelde visie met duidelijke, inhoudelijke keuzes. De vraag waartoe werken we samen? gaf richting. Pas daarna kwam de vorm. De regiovisie werd hiermee het gezamenlijke kompas.

Vertrouwen bouwen: klein beginnen en doen

Vertrouwen ontstaat niet in één grote stap. Daarom is bewust gekozen voor een gefaseerde aanpak.

  • Begin met een kleine, diverse groep
    Voorlopers uit verschillende disciplines en VSV’s gingen met elkaar in gesprek. In een veilige setting, met ruimte voor dialoog, werden relaties opgebouwd. Heldere spelregels zorgden voor veiligheid, terwijl over uitkomsten en vervolgstappen volledige transparantie werd geboden.
  • Zet kleine stappen in de praktijk
    In plaats van meteen een uitgebreide structuur te ontwerpen, is gestart met doen: samenwerken in werkgroepen rond concrete thema’s. Door te experimenteren en hiervan te leren, kreeg de samenwerking steeds meer vorm en stevigheid.

Blik naar buiten: voor wie doen we het?

Samenwerken is geen doel op zich. De vraag wie daar beter van wordt, bleef steeds leidend. Door actief het perspectief van (aanstaande) ouders, bestuurders en andere regionale partners op te halen, werd duidelijker waarvoor wordt samengewerkt en welke impact wordt nagestreefd. De blik naar buiten hielp om scherp te blijven en betekenis te geven aan de samenwerking.

De achterban betrekken via dialoog

Gelijkwaardig samenwerken betekent dat alle perspectieven meetellen. Na het opbouwen van vertrouwen in kleinere groepen volgden dialoogsessies met de brede achterban. In kleinere subgroepen, met volledige openheid over alle opbrengsten en het vervolg daarop. Deze werkwijze droeg bij aan wederzijds begrip, draagvlak en een cultuur waarin de regiovisie steeds meer werd omarmd.

Eerst samenwerken, dan structureren

In Utrecht is bewust gekozen voor de volgorde:

  1. Samen werken in de praktijk
  2. Regionaal afstemmen via werkgroepen en bestuurlijk overleg
  3. Pas daarna de formele structuur vastleggen

Daarnaast werd geïnvesteerd in onderlinge kennismaking en rolduidelijkheid binnen de besturen. Zo kregen samenwerking en eigenaarschap de ruimte om te groeien.

Wat gaven betrokkenen terug?

Uit evaluaties blijkt dat de gekozen aanpak loont. Hoe blikken betrokkenen terug op dit proces?

  • Het kost tijd, maar het werkt
    Er was spanning tussen de wens om tempo te maken en de behoefte aan zorgvuldigheid. De investering in een gedragen regiovisie betaalde zich echter terug: het werd mogelijk om het eigen VSV los te laten en te denken vanuit de regio als geheel.
  • Dialoog met de achterban was cruciaal
    De dialoogsessies werden positief ontvangen. Opvallend was het enthousiasme vanuit de achterban, met een expliciete oproep om samen verder te gaan. Deze werkwijze wil men ook in de toekomst blijven inzetten.
  • Structurele aandacht helpt
    Onder andere dankzij de ZONMW-subsidie kreeg eigenaarschap en organisatievorming verder vorm. Dit maakte het mogelijk om besluitvorming, belangen en dilemma’s structureel bespreekbaar te maken – iets waar ook nu nog actief aandacht voor is.

De rol van Raedelijn

Raedelijn begeleidde de Utrechtse VSV’s bij het versterken van de samenwerking en het toewerken naar één gezamenlijk samenwerkingsverband en richtte zich op:

  • het faciliteren van het gezamenlijke gesprek over de toekomst van de geboortezorg in de regio;
  • het ontwikkelen van een gedragen regiovisie, met ruimte voor alle perspectieven;
  • het opbouwen van vertrouwen tussen betrokken partijen, door te werken in veilige settings en met heldere spelregels;
  • het stapsgewijs versterken van de samenwerking in de praktijk, onder andere via werkgroepen en dialoogsessies;
  • en het ondersteunen van bestuurlijke samenwerking en rolduidelijkheid, met oog voor eigenaarschap en gedeelde verantwoordelijkheid.

Door structuur pas te laten volgen op inhoud en relatie, ontstond ruimte voor echte samenwerking. Raedelijn vervulde hierin een verbindende en ondersteunende rol, met als doel dat partijen zelf duurzaam verder kunnen bouwen aan toekomstbestendige geboortezorg in de regio Utrecht.

Meer weten

Neem gerust contact op met één van de betrokken adviseurs

Meer over dit onderwerp